november 2017

Advent spreekt mij nog altijd het meeste aan door dat mooie lied: ‘Gaat stillen in den lande, uw Koning tegemoet.’ Als kind was ik gefascineerd door dat ‘Gaat stillen in den lande…’ In mijn kindertijd dacht ik dan altijd aan de vlakte van Goeree. En de Eufraat en de Tigris waren voor mij dan het Haringvliet ten Noorden en de Grevelingen ten Zuiden van dat eiland.

Kindergedachten die je nooit vergeet, omdat iets groots, iets van buiten je wereld in je eigen wereld werd geplaatst. En dat doe je zelf, op je eigen manier. Dat is nu theologie: het grote, soms te grote nieuws, op jezelf betrekken, in je eigen belevingswereld.

Als volwassene valt dat soms niet mee. Het steeds terugkeren van kerkelijke feesten kan een ‘tredmolen’ worden, een uitgesleten pad wat je min of meer verplicht afloopt. Met Advent (Hij komt!) begint dat weer. Dan worden we weer opgeroepen te verwachten. Maar zijn die beloften niet te hoog gegrepen voor de werkelijkheid waarin we verkeren? Want wat zal er veranderd zijn na Kerst? Oorlog, honger en dorst (letterlijk en figuurlijk) lijken niet te stoppen. Vertrouwen we ons daarom niet meer toe aan de wekelijkse verwachting, het grote avontuur van de hoop: een Koning die komt en verlossing brengt?

Maar als het lied ‘Gaat stillen in den lande uw Koning tegemoet…’ wordt ingezet, dan gebeurt er iets van een wonder. Het maakt me los van somberheid en onvruchtbaar weten. Het voert me terug naar het verlangen dat voor mij in dit lied lijkt te wonen. Dat stillen in den lande gehoord, gezien en genezen worden.

Maar hoe komt het nu dat onze heilsverwachting niet die dimensie durft aan te nemen als onze onheilsverwachting? Het is een vraag die ik niet kan beantwoorden. Maar soms kan ik het wel uitzingen. Wat niet te zeggen is, blijkt soms tastbaar aanwezig in een lied. Gelukkig kunnen we het straks weer zingen als zovelen op zoveel plaatsen al zoveel eeuwen voor ons hebben gedaan.

Om de hoop levend te houden, om te verwelkomen, om te verlangen naar, om te vertrouwen op… Advent.

 

ds Piet Vellekoop

november 2017

Moppen tappen met Luther
Als je de schilderijen met het ernstige portret van Luther ziet, zou je misschien niet verwachten dat het
bij Luther thuis altijd oergezellig was. Dat was het wel! Luther was heel gastvrij. Iedereen kwam bij hem
over de vloer en at een hapje mee aan grote tafels in het voormalig Augustijner klooster waar ze
woonden. Altijd zaten er studenten aan tafel, arme familieleden en anderen die het arm hadden en
geleerden op doorreis. Er werd goed gegeten en gedronken. Met dank aan moeder Catharina die zelf de
groentetuin en het vee verzorgde en zelf het bier brouwde. Aan tafel werd serieus gesproken en
gelachen. Er werd in meerdere opzichten dus smakelijk gegeten.
Luther hield van grappen en moppen met een moraal. Dat weten we uit de vele tafelgesprekken die later
door de gasten zijn opgeschreven.
Volgens sommige bronnen werd deze mop een keer aan tafel verteld:
Er waren eens twee monniken die geen ruzie met elkaar konden maken. Toch wilden zij net als alle
andere mensen ook wel eens lekker ruziën. Eén van de monniken kreeg een idee en zei: ”Ik weet een
goede manier om ruzie te krijgen. Ik pak een steen en zeg: die is van mij. Dan zeg jij: nee, die is van mij!
En dan hebben we ruzie”. De ene monnik pakte een grote steen op en zei: ”Deze steen is van mij!” De
andere monnik keek hem vriendelijk aan en zei: ”Als die steen van jou is, houd hem dan maar.”
Het is een mop die ingaat tegen het ‘mijn-dijn denken’. Dat leidt tot ruzie en geweld.
Hoe kunnen we ontsnappen aan die spiraal van ruzie en geweld? Als we de moed hebben de stenen los
te laten en onze handen leeg te maken. Als we ophouden de ander te ‘ver-denken’ (op een afstand te
houden) en de ander dichtbij laten komen, ze een hand geven. Mensen kunnen elkaar alleen maar een
hand geven als ze geen stenen vasthouden. Dat is overigens ook de oude oorsprong van het gebruik
om elkaar een hand te geven: je laat de ander zien en voelen dat je ongewapend bent.

september 2017

Goodies

Een paar weken terug was ik voor studie en nascholing in Boekarest, Roemenië.

Op het vliegveld nam ik een taxi naar het hotel want dat kost daar bijna niets. Als je tenminste de normale prijs weet anders betaal je alsnog twintig euro in plaats van tien. Maar ik was gewaarschuwd en was overal op voorbereid, dacht ik.

Na een plakkerige rit zonder airco (die is op mysterieuze wijze in alle taxi’s stuk) stond ik voor de balie van het conferentiehotel. Toen ik de papieren had ingevuld zei de jongeman achter de balie tegen mij in het Engels: ‘Heb je ook goodies bij je?’ Ik begreep hem niet en wees op mijn koffer en zei: ’Ja, ik heb één goody bij me’. ‘Nee’, zei hij. ‘Heb je ook goodies voor mij bij je?’

Wat bedoelde hij toch? Nu had ik voor mijn studiegenoten wel een hele grote doos bonbons van de bakker meegenomen. Zou hij dat bedoelen? Maar hoe wist hij dan dat ik die bij me had. Hij zag mijn verwarring en zei nog een keer geduldig: ’Heb je goodies voor mij bij je om te roken?’

Kijk, nu begon me wat te dagen. Hoe naïef kun je zijn! Hij bedoelde natuurlijk geen bonbons, hoe zou je die ooit moeten roken. Deze man achter de receptie in dit keurige hotel vroeg mij openlijk om drugs! Even wist ik niets te zeggen. Zie ik er meer uit als een drugsdealer dan als een predikant? Uiteindelijk vroeg ik hem waarom hij mij dat vroeg. Toen zei hij dat hij in mijn paspoort had gezien dat ik in Amsterdam ben geboren. En lopen niet alle Amsterdammers rond met wiet?

Helaas moest ik hem uit deze droom helpen. Als troost heb ik hem maar een bonbon aangeboden. Een soort van variatie op Handelingen 3:6 ‘Goud of zilver heb ik niet, maar wat ik heb zal ik u geven’. Voor mij was dit meteen al de eerste les van deze studiereis. Hoe je vanwege je ‘land van herkomst’ gelijk al in een hokje wordt geplaatst. JS

september 2017

De laatste keer mijmerde ik over ‘verbeelding’ zoals Harry Kuitert daarover schreef. En nu is deze man, die zelf zo tot de verbeelding sprak, overleden. Wat mij in Kuitert o.a. heeft gefascineerd is de reacties die hij op heeft geroepen. In één en dezelfde gemeente zag ik en zie ik mensen die hem ervoeren als een voorganger die de kerk sloopte. Tegelijk waren en zijn er velen die door hem juist lucht kregen om te ademen: sommigen noemen hem zelfs hun bevrijder, waardoor ze het in de kerk uit konden houden. Ook al had hij zelf met dat laatste heel veel moeite.

Persoonlijk vind ik dat zijn boodschap heel bevrijdend kan zijn. Ook al is zijn eindconclusie van het absolute niets, en ik zeg dat mee met Stevo Akkerman in Trouw, mij veel te kaal en te absoluut. Door een dergelijk radicaal standpunt kom je juist terecht in een sfeer die Kuitert belette om te mogen spreken in zijn eigen thuisbasis van de Gereformeerde kerken. Dat men echter nooit het werkelijke gesprek met hem is aangegaan blijf ik lastig vinden. Orthodoxe felheid komt zo heel vaak uit angst voort. Dat is nooit een goede basis. Zelf bleef hij zijn nek uitsteken, zoals hij dat ook al deed helemaal aan het begin van zijn predikantschap. Toen was hij één van de Groep van Achttien (9 gereformeerde en 9 hervormde) predikanten die al op Pinksteren 1961 (!) een gefuseerde kerk voorstelden. Hij heeft in geen enkel opzicht achter de troepen aangelopen. Het zou trouwens geen kwaad kunnen als er weer eens wat meer wind ging waaien in onze kerken.

P.G. Vellekoop

augustus 2017

Mixed grill

Op een zonnige zomeravond ben ik in Utrecht. Ik heb een tafeltje gereserveerd aan het water van de Oudegracht. Alleen voor het uitzicht is het al de moeite waard. Er vaart en drijft van alles vlak langs mijn bordje. Studenten in een sloep, een ouder echtpaar op een jacht zo groot dat het maar net onder de brug past, toeristen in alle kleuren van de regenboog op een waterfiets. Het plezier spat er vanaf en het is heerlijk om naar te kijken. Maar ja, je kunt niet gratis op het terras zitten dus je moet wel wat bestellen. Maar wat? Gelukkig staat er bijna altijd wel een ‘mixed grill’ op het menu. Het is natuurlijk niet het meest spannende gerecht op de kaart. Ik kan natuurlijk ook een ‘Burrata in Foglia’ bestellen of de ‘Papilotte van Picanha’. Maar wat je dan krijgt? Bij de mixed grill zit ik altijd goed is mijn ervaring. Het is niet gek om te kiezen voor wat je begrijpt. Dat doet me denken aan de spreuk: ‘Geluk is de kunst om van het leven een boeket te maken van de bloemen waar je bij kunt’. Die mixed grill, daar kan ik bij. Tevreden kijk ik even later naar mijn bord met daarop een bonte mixed grill. Net zo bont als de vaartuigen en mensen op het water. Voor even was de wereld in harmonie. JS

augustus 2017

Verbeelding

Het thema van de komende vredesweek heeft als titel: ‘De kracht van de verbeelding.’ Toen ik dat las moest ik onmiddellijk denken aan een boekje van Herman Kuitert. Hij schreef tien jaar geleden een boekje met de prikkelende titel: ‘Wat verbeelden wij ons wel?’

Wat ik nog steeds meedraag van de discussie die destijds, kort maar hevig, ontstond is de spanning tussen de gedachte dat ‘het geloof vanzelfsprekend verbeelding is’ aan de ene kant. Maar aan de andere kant de overtuiging dat de kerk als huis van God niet alleen verbeelding is, maar tegelijk een plek waar een gemeente concreet verzameld wordt ten dienste van de wereld.

Zelf beleef ik de kerk ook als de gemeenschap waarin de stem van de medemens wordt gehoord. Maar tegelijk is het ook weer méér. Want anders zou ze alleen maar bezig zijn met de vraag (hoe belangrijk ook!): ‘Abel, waar is uw broeder?’ Dan zou voor mijn gevoel het geloof, de religie volledig opgaan in de ethiek. Want is een kerk die niet langer over God wil spreken, maar alleen over ethiek, nog wel relevant? Waarschijnlijk wel, maar kun je het dan nog een kerk noemen?

Zo gaan mijn gedachten heen en weer terwijl ik languit in het gras lig langs het Amsterdam-Rijnkanaal op de laatste (?) zomerdag van 2017, woensdag 23 augustus. Als ik opsta vaart het zoveelste schip voorbij. Deze draagt de naam Vertrouwen. Toeval of niet?

 

ds. Piet Vellekoop

“Ik wil lid zijn van een gemeenschap die openstaat, maar ook kritisch is”

Misschien overweeg je om de taak van ouderling op je te nemen, maar wil je eerst wat meer achtergrond en inzicht. Wat maakt een ouderling mee, wat is zijn of haar taak, wat zijn leuke en minder leuke ervaringen, hoe is de sectie eigenlijk georganiseerd? Als derde in deze serie een interview met Pieter Quakkelaar. Hij is ouderling van sectie 2, het gebied tussen de Driehoekslaan, Dr. Plesmanlaan, Park Vechtenstein en de Vecht. In cijfers zijn dat 176 pastorale eenheden met 267 leden. Met de 5 sectiemedewerkers praat hij in ieder geval twee keer per jaar bij, maar het liefste zou hij dat vier keer per jaar doen als de agenda’s dat toelaten. Bijzonderheden en mutaties ontvangt hij via het team, de ledenadministratie en de predikanten. Ook de nieuwsbrief bevat regelmatig info over gemeenteleden die voor hem belangrijk zijn.

Ouderling is een beladen woord, vindt Pieter. “In de bijbel wordt gesproken van ‘oudsten’ als opzieners over de gemeente, maar nu vertegenwoordigt het vaak een begrip van (vooral oudere) mensen die iets met een kerk te maken hebben en een bepaalde controlerende en/of corrigerende functie hebben. Althans, dat is het beeld dat mensen hebben. Je vertegenwoordigt een gevestigd instituut met weinig uitstraling in de samenleving”. Een ander fenomeen vindt hij kleven aan het woord ‘ouderling’, is dat veel mensen hiertegen kunnen klagen. “Men denkt anders over de gemeente, de kerk, de zondagse dienst en ziet daarin weinig terug wat hij of zij daarin wil beleven. Dat hoor ik regelmatig. Aan de andere kant denk ik ook: weten we eigenlijk wel de werkelijke vraag uit de gemeente? Wie zit er nog te wachten op bezoek van een ouderling of predikant? Senioren van nu zijn veel mondiger dan de vorige generaties. Ik denk dat we daar zicht op moeten krijgen en daarop de organisatie van de kerk aanpassen. Mogelijk wordt het ambt van ouderling dan acceptabeler voor gemeenteleden. En ja, dan hoop ik ook dat ik een nieuwe functienaam krijg!”

Startzondag 24 september “Kerkproeverij”

Op zondag 24 september starten we om 10.00 uur het nieuwe seizoen met elkaar. Het thema van deze startzondag is “Kerkproeverij”.  De kerk proeven, kan dat? Dat is misschien je eerste gedachte bij het woord Kerkproeverij. Bij proeverij denk je aan eten en drinken, maar aan de kerk?

STARTDIENST
De startdienst met dominee Jochem & dominee Piet en het combo wordt een interactieve Kerkproeverij. Kies je voor Peper of Zout? Liedboek of Opwekking? Oude of Nieuwe Testament?

MOBIEL
Tijdens de dienst maken we gebruik van je smartphone, dus neem je mobiel mee.
Heb je geen smartphone, geen probleem daar hebben wij ook iets voor bedacht.

DRESSCODE
ZWART/WIT. Heb je geen outfit in zwart of wit? Dan mogen details in zwart of wit ook.
Denk aan een witte of zwarte strik, stropdas, trui, shirt, blouse, schoenen, hoed etc.

PROEVERIJ NA DE DIENST
Na de dienst sluiten we af met koffie, thee, limonade en een smakelijke Kerkproeverij.
Napraten over de dienst, bijkletsen over de zomervakantie, elkaar ontmoeten.
Wil je ook iets maken voor de proeverij, neem dan contact op met Marion 0655764683 of mariondevries2@gmail.com

Fijn als je toehapt deze startzondag, misschien smaakt het naar meer!

Ontmoetingsgroep

Kerken in Maarssen vieren 500 jaar protestantisme met twee activiteiten

De CGK De Hoeksteen en alle protestantse wijkgemeenten van Maarssen (de Ark, Ichtus en Ontmoetingskerk) staan gezamenlijk stil bij 500 jaar protestantisme met 2 activiteiten voor iedereen.

De eerste activiteit is op zondag 29 oktober. Dan is er om 18.30 uur een grote zangdienst in de Dorpskerk. We zullen dan vooral stilstaan bij de reformator Luther en liederen van Luther zingen.

De tweede activiteit is op vrijdag 17 november om 20:00 uur in de Ark.

Daar is dan de voorstelling ‘Kom naar voren!’ te zien. Verhalenverteller Kees Posthumus en accordeonist Juul Beerda presenteren bekende en minder bekende personen van de Reformatie in een afwisselende, muzikale voorstelling voor jong en oud.

Beide activiteiten zijn gratis toegankelijk. Er is een collecte voor de onkosten.

Meer informatie volgt in de komende nummers van Kerk op weg.

Herinnering Aktie Kerkbalans

Nu de herinneringen aan de vakantie gaan vervagen, vragen wij even aandacht voor de actie KERKBALANS. Gelukkig worden de meeste toezeggingen trouw op de afgesproken tijdstippen betaald. Vaak zelfs al vroeger dan toegezegd. Zo is er al meer dan €  17.000 vooruit betaald. Het tegendeel is echter ook waar.  Circa 60 personen hebben samen een achterstand opgelopen van ongeveer €  4.800 ( waarvan er 16 al  “goed”  zijn voor  €  3.400). De ervaring leert dat de Kerkbalans toezeggingen die wat later in het jaar betaald zouden worden aan de aandacht ontsnappen. Vandaar ons vriendelijke verzoek om even te controleren of u al “bij” bent.
Hartelijk dank voor de te nemen moeite. Vriendelijke groet,
Wijkraad van kerkrentmeesters