Van over het water


‘Collega’s op bezoek…’

Het afgelopen jaar zijn er nogal wat collega’s bij mij op bezoek geweest. Ik heb ze een beetje leren kennen door middel van hun autobiografieën of theologische boeken met een biografische lading. Wat mij opvalt in hun biografieën (Jac. van Dijk, Nico ter Linden, Piet de Jong, Wim Verboom) is dat ze allen stuk voor stuk bevlogen zijn èn betrokken op mensen. Ze kijken daarbij niet naar de kerk maar naar de hele maatschappij. Eenieder doet dat vanuit zijn eigen invalshoek en theologie. Ze vertellen daarbij ook waarbij het ene hen wel raakt en het andere niet. Al met al is het een boeiend gesprek geweest tussen en met die collega’s. Je leert ze kennen en waarderen, ook al denk je soms anders over zaken.

Dat laatste geldt hopelijk ook voor de vele echte gesprekken die in de kerk plaatsvinden. Soms wordt er helaas ook over of tegen mensen gesproken. Of worden er aannames gedaan die je in de verste verte niet kunt voorstellen. Dat kan pijn doen en verwijdering geven. Alleen als je echt mét mensen spreekt en een ‘goed gesprek’ hebt, kun je je laten raken, ook al zijn de verschillen soms groot. Je wordt getroffen door een gedachte, een inzicht, een stukje van iemands leven, waardoor jij ook weer vol inspiratie verder kan. Daarom geloof ik ook dat het niet alleen maar toeval is dat de alliteratie (beginletterrijm) van ‘goed gesprek’ overeenkomt met Gods Geest.

ds. Piet Vellekoop




januari 2019

Met Kerst las ik het laatste boek van Paulo Coelho, ‘Hippie’. Het speelt in de jaren van mijn jeugd. Toen de ‘Summer of love’ in 1967 in San Francisco plaats vond was ik 13 jaar.

Ook dit boek van Coelho vraagt weer naar de plaats die wij zelf in het leven innemen. Wij hebben vaak geen keuze in wat ons overkomt, waar we geboren zijn, wat we ‘moeten’, etc. Maar wij hebben wel een keuze in hoe wij ermee omgaan.

Hetzelfde geldt voor de kritiek die mensen op elkaar menen te mogen of moeten hebben. Waarom noemen we dat kritiek? Dat je iets opvat als kritiek geeft al macht aan degene die kritiek uit. Het is goed het motto van het boek bij het lezen in hoofd en hart te bewaren: ‘Men liet Hem weten: Uw moeder en uw broers staan daarginds en willen U zien. Hij antwoordde hun: Mijn moeder en mijn broers zijn zij die het woord van God horen en doen.’ (Lucas 8: 20-22)

  1. Piet Vellekoop

Van over het water

Met Kerst las ik het laatste boek van Paulo Coelho, ‘Hippie’. Het speelt in de jaren van mijn jeugd. Toen de ‘Summer of love’ in 1967 in San Francisco plaats vond was ik 13 jaar.

Ook dit boek van Coelho vraagt weer naar de plaats die wij zelf in het leven innemen. Wij hebben vaak geen keuze in wat ons overkomt, waar we geboren zijn, wat we ‘moeten’, etc. Maar wij hebben wel een keuze in hoe wij ermee omgaan.

Hetzelfde geldt voor de kritiek die mensen op elkaar menen te mogen of moeten hebben. Waarom noemen we dat kritiek? Dat je iets opvat als kritiek geeft al macht aan degene die kritiek uit. Het is goed het motto van het boek bij het lezen in hoofd en hart te bewaren: ‘Men liet Hem weten: Uw moeder en uw broers staan daarginds en willen U zien. Hij antwoordde hun: Mijn moeder en mijn broers zijn zij die het woord van God horen en doen.’ (Lucas 8: 20-22)
Piet Vellekoop

januari 2019

Afscheid nemen en loslaten

Afscheid nemen is niet een hobby van mij en voor velen van u waarschijnlijk ook niet. Toch hoort het onherroepelijk bij het leven. Ook als predikant weet je maar al te goed dat er een tijd van komen en een tijd van gaan is. Dat besef ik des te meer nu mijn afscheidsdienst van 17 maart snel dichterbij komt. Meer en meer voel ik nu wat ik daarna allemaal moet loslaten.

Als ik in mijn studeerkamer om mij heen kijk, ligt het vol met herinneringen van de afgelopen 7,5 jaar. Een schilderijtje gemaakt tijdens een gemeenteavond, talloze ordners met preken en aantekeningen, kaarten en kaarsen, stapels boeken die al lang niet meer in de kast passen en als torens van Pisa her en der bovenop liggen. Kortom ik heb nogal wat op te ruimen in mijn ‘jubel-studie-bezinningsjaar’. Voor de overbodige spullen zijn er gelukkig de inleveravonden van de bazar. Daar ga ik dit jaar alvast dankbaar gebruik van maken. Voor wie net als ik het lastig vindt om dingen op te ruimen, hier nog een tip: maak foto’s van spullen die je niet zo makkelijk weg doet. Uiteindelijk gaat het vaak niet om het hebben van bijvoorbeeld die allereerste tekeningen van de kleuterschool maar om de herinnering die het oproept. Die herinnering kun je tegenwoordig prima vastleggen met een digitale foto die geen ruimte inneemt.

In gedachten neem ik deze dagen foto’s van de mensen in onze gemeente, van hoe het hier gaat, van alles wat ik in de gemeente ga missen. Mijn partner Bart en ik zullen ons in ieder geval helemaal terugtrekken uit de Ontmoetingskerk om niemand voor de voeten te lopen, waaronder mijn opvolger. Weg is dan ook echt weg en afscheid is afscheid.

Het is onze bedoeling om op zondagen na 17 maart overal in het land kerkdiensten te gaan bezoeken. Voor Bart ook fijn want die heeft de afgelopen 16 jaar dat ik predikant ben nog nooit een dienst van mij gemist en is nu ook wel eens toe aan wat ander geluid denk ik zo. Zelf hoop ik daarmee ook weer allerlei nieuwe ideeën op te doen. Mocht u nog suggesties hebben van kerken die ik echt een keer zou moeten bezoeken, ik hoor het graag. Geen idee waar het mij zal gaan brengen maar ook dat is iets wat ik ga loslaten, alles vooraf al willen weten en invullen. Dat doe ik met geloof. Geloven is niet van alles het beste hebben maar van alles het beste maken (Rick Warren).
Jochem Stuiver

Van de waterkant

Afscheid nemen en loslaten

Afscheid nemen is niet een hobby van mij en voor velen van u waarschijnlijk ook niet. Toch hoort het onherroepelijk bij het leven. Ook als predikant weet je maar al te goed dat er een tijd van komen en een tijd van gaan is. Dat besef ik des te meer nu mijn afscheidsdienst van 17 maart snel dichterbij komt. Meer en meer voel ik nu wat ik daarna allemaal moet loslaten.

Als ik in mijn studeerkamer om mij heen kijk, ligt het vol met herinneringen van de afgelopen 7,5 jaar. Een schilderijtje gemaakt tijdens een gemeenteavond, talloze ordners met preken en aantekeningen, kaarten en kaarsen, stapels boeken die al lang niet meer in de kast passen en als torens van Pisa her en der bovenop liggen. Kortom ik heb nogal wat op te ruimen in mijn ‘jubel-studie-bezinningsjaar’. Voor de overbodige spullen zijn er gelukkig de inleveravonden van de bazar. Daar ga ik dit jaar alvast dankbaar gebruik van maken. Voor wie net als ik het lastig vindt om dingen op te ruimen, hier nog een tip: maak foto’s van spullen die je niet zo makkelijk weg doet. Uiteindelijk gaat het vaak niet om het hebben van bijvoorbeeld die allereerste tekeningen van de kleuterschool maar om de herinnering die het oproept. Die herinnering kun je tegenwoordig prima vastleggen met een digitale foto die geen ruimte inneemt.

In gedachten neem ik deze dagen foto’s van de mensen in onze gemeente, van hoe het hier gaat, van alles wat ik in de gemeente ga missen. Mijn partner Bart en ik zullen ons in ieder geval helemaal terugtrekken uit de Ontmoetingskerk om niemand voor de voeten te lopen, waaronder mijn opvolger. Weg is dan ook echt weg en afscheid is afscheid.

Het is onze bedoeling om op zondagen na 17 maart overal in het land kerkdiensten te gaan bezoeken. Voor Bart ook fijn want die heeft de afgelopen 16 jaar dat ik predikant ben nog nooit een dienst van mij gemist en is nu ook wel eens toe aan wat ander geluid denk ik zo. Zelf hoop ik daarmee ook weer allerlei nieuwe ideeën op te doen. Mocht u nog suggesties hebben van kerken die ik echt een keer zou moeten bezoeken, ik hoor het graag. Geen idee waar het mij zal gaan brengen maar ook dat is iets wat ik ga loslaten, alles vooraf al willen weten en invullen. Dat doe ik met geloof. Geloven is niet van alles het beste hebben maar van alles het beste maken (Rick Warren).
Jochem Stuiver

december 2018

Kerkverlating

De afgelopen weken hebben zich een aantal opiniebladen gestort op het laatste rapport “Kerkverlating” van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek). Daarvoor meldden de kranten er al uitgebreid over eind oktober. Soms werd er met nauwelijks verhuld enthousiasme over kerkverlating gesproken. Want voor het eerst geeft meer dan de helft van de Nederlanders aan ‘niet meer gelovig te zijn’.

Bovenstaande constatering verbaasde mij overigens niet. Echter, deze werkelijkheid daagt mij dagelijks uit om te blijven geloven, hopen, liefhebben, en vooral: positief te blijven. Omdat ik ervan overtuigd blijf dat we een geweldig goede boodschap hebben. Het probleem is echter dat de werkelijke inhoud ervan onbekend en daardoor onbemind is geworden. Daarnaast gaat zij gebukt onder vooroordelen, stigmatisering (die nog steeds wordt gevoed door rechtlijnige geloofsgemeenschappen) en is zij vooral beschadigd door misbruik en dwalingen.

Stuitend was vaak het gebrek aan kennis over het onderwerp in de berichtgeving. Het gaf de indruk alles op één hoop te gooien en vooral ook om snelle conclusies te willen trekken. Dit neemt overigens niet weg dat de algehele conclusie best juist kan zijn: er is een voortgaande kerkverlating. Maar de publiciteit wakkert een nogal negatieve beeldvorming aan. Je moet zo langzamerhand veel lef hebben om te zeggen dat je af en toe naar de kerk gaat en dat je het geloof voor jouw bestaan zinnig vindt. Ook al was dat veel minder in de publiciteit, het gebeurde gelukkig ook en zonder voorbehoud. En zouden alle mensen die de kerk hebben verlaten ook God hebben verlaten? God hen in ieder geval niet, zo is mijn overtuiging.

ds. Piet Vellekoop

Van over het water

Kerkverlating

De afgelopen weken hebben zich een aantal opiniebladen gestort op het laatste rapport “Kerkverlating” van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek). Daarvoor meldden de kranten er al uitgebreid over eind oktober. Soms werd er met nauwelijks verhuld enthousiasme over kerkverlating gesproken. Want voor het eerst geeft meer dan de helft van de Nederlanders aan ‘niet meer gelovig te zijn’.

Bovenstaande constatering verbaasde mij overigens niet. Echter, deze werkelijkheid daagt mij dagelijks uit om te blijven geloven, hopen, liefhebben, en vooral: positief te blijven. Omdat ik ervan overtuigd blijf dat we een geweldig goede boodschap hebben. Het probleem is echter dat de werkelijke inhoud ervan onbekend en daardoor onbemind is geworden. Daarnaast gaat zij gebukt onder vooroordelen, stigmatisering (die nog steeds wordt gevoed door rechtlijnige geloofsgemeenschappen) en is zij vooral beschadigd door misbruik en dwalingen.

Stuitend was vaak het gebrek aan kennis over het onderwerp in de berichtgeving. Het gaf de indruk alles op één hoop te gooien en vooral ook om snelle conclusies te willen trekken. Dit neemt overigens niet weg dat de algehele conclusie best juist kan zijn: er is een voortgaande kerkverlating. Maar de publiciteit wakkert een nogal negatieve beeldvorming aan. Je moet zo langzamerhand veel lef hebben om te zeggen dat je af en toe naar de kerk gaat en dat je het geloof voor jouw bestaan zinnig vindt. Ook al was dat veel minder in de publiciteit, het gebeurde gelukkig ook en zonder voorbehoud. En zouden alle mensen die de kerk hebben verlaten ook God hebben verlaten? God hen in ieder geval niet, zo is mijn overtuiging.

ds. Piet Vellekoop

december 2018

Muziek maken

Itzhak Perlman (Jaffa, 31 augustus 1945) is een Israëlische violist die geldt als één van de beroemdste en grootste violisten van de tweede helft van de 20e eeuw. Ik las laatst iets over zijn bijzondere leven wat mij raakte. Op vierjarige leeftijd kreeg Perlman polio waardoor hij verlamd raakte en hij genoodzaakt werd met krukken te lopen. Toch besloot hij viool te gaan studeren omdat hij op de radio een muziekstuk voor viool gehoord had dat hij zo mooi vond. Iedereen zei dat hij daar niet aan moest beginnen en toch zette hij door.

Bijzonder dat hij dat deed! Dat hoorde waarschijnlijk ook bij zijn karakter: niet opgeven. Dat blijkt ook wel uit het volgende verhaal. Tijdens een muziekoptreden met groot orkest breekt een van de vier snaren van zijn viool. Het orkest valt van schrik gelijk stil. Iedereen denkt dat hij de snaar zal gaan vervangen want hij heeft er nu een tekort. Maar dat gebeurt niet. Hij gaat snel verder waar hij gebleven was en het orkest valt in. Sommige noten vindt hij al spelend op de overgebleven snaren en op andere momenten improviseert hij. Het publiek is na afloop laaiend enthousiast! Het was het beste concert van hem ooit.

Toen hem gevraagd werd waarom hij dit zo had gedaan was zijn antwoord: ‘In mijn leven als poliopatiënt heb ik leren waarderen wat er is en wat je nog wel kunt. Ik probeer te genieten van wat er nog is en daarvan probeer ik iets goeds te maken. Het is de taak van een artiest om mooie muziek te maken met wat je is gegeven. Geluk is niet de afwezigheid van lijden maar de kunst om muziek te maken met wat overgebleven is.’

Wij verliezen van alles in de loop van ons leven. Dat het met Gods hulp en die van anderen om ons heen mag lukken om muziek te blijven maken met wat overgebleven is. En als we dat zelf niet meer kunnen, dat anderen dat voor ons zullen doen.

Met een hartelijke groet aan allen die uitzien naar de feestdagen en aan hen die er tegenop zien.

Jochem Stuiver

van de waterkant

Muziek maken

Itzhak Perlman (Jaffa, 31 augustus 1945) is een Israëlische violist die geldt als één van de beroemdste en grootste violisten van de tweede helft van de 20e eeuw. Ik las laatst iets over zijn bijzondere leven wat mij raakte. Op vierjarige leeftijd kreeg Perlman polio waardoor hij verlamd raakte en hij genoodzaakt werd met krukken te lopen. Toch besloot hij viool te gaan studeren omdat hij op de radio een muziekstuk voor viool gehoord had dat hij zo mooi vond. Iedereen zei dat hij daar niet aan moest beginnen en toch zette hij door.

Bijzonder dat hij dat deed! Dat hoorde waarschijnlijk ook bij zijn karakter: niet opgeven. Dat blijkt ook wel uit het volgende verhaal. Tijdens een muziekoptreden met groot orkest breekt een van de vier snaren van zijn viool. Het orkest valt van schrik gelijk stil. Iedereen denkt dat hij de snaar zal gaan vervangen want hij heeft er nu een tekort. Maar dat gebeurt niet. Hij gaat snel verder waar hij gebleven was en het orkest valt in. Sommige noten vindt hij al spelend op de overgebleven snaren en op andere momenten improviseert hij. Het publiek is na afloop laaiend enthousiast! Het was het beste concert van hem ooit.

Toen hem gevraagd werd waarom hij dit zo had gedaan was zijn antwoord: ‘In mijn leven als poliopatiënt heb ik leren waarderen wat er is en wat je nog wel kunt. Ik probeer te genieten van wat er nog is en daarvan probeer ik iets goeds te maken. Het is de taak van een artiest om mooie muziek te maken met wat je is gegeven. Geluk is niet de afwezigheid van lijden maar de kunst om muziek te maken met wat overgebleven is.’

Wij verliezen van alles in de loop van ons leven. Dat het met Gods hulp en die van anderen om ons heen mag lukken om muziek te blijven maken met wat overgebleven is. En als we dat zelf niet meer kunnen, dat anderen dat voor ons zullen doen.

Met een hartelijke groet aan allen die uitzien naar de feestdagen en aan hen die er tegenop zien.

Jochem Stuiver

november 2018

Wat doe je met uitnodigingen om met het Kerstfeest een stichtelijk woord te spreken over het Woord? Aannemen! Zo sprak in de opleiding professor Van Gennep tegen ons. Altijd aannemen. Het is een kans.

Wat ik momenteel ervaar is dat we onze buik vol hebben van verhalen en ook nog moe zijn van allerlei uitleg. Daarom geloof ik dat we gewoon (…) maar weer Het Verhaal moeten vertellen. Dat is al actueel genoeg. Want er is voor velen geen plaats in de herberg Nederland en Europa. De zwangerschap vertelt onmiddellijk waar wij allemaal wel niet gewenst of ongewenst zwanger van zijn. Maar ondertussen kan een kind dus gewoon (…) de redder zijn van de wereld.

Maar het echte probleem is dat de mensen Het Verhaal niet meer kennen. Een bruidspaar op mijn spreekkamer kon geen Bijbelverhaal noemen voor hun huwelijksdienst. Dat neem ik deze lieve mensen niet kwalijk. Integendeel. Zij kunnen daar niets aan doen. Maar ik neem het mezelf kwalijk dat we niet hebben waargemaakt, waar we voor zeggen te staan, als mensen en als kerken wereldwijd: ‘Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping!’

En de huwelijksdienst? Dat komt echt wel goed. ‘Weest niet bevreesd!’
Piet Vellekoop