Zomer

We genieten met elkaar weer van de zomer. Ik zie de bootjes met toeristen verschijnen in Maarssen en heb al vele keren voor de brug gewacht. Als het niet te warm is is het gezellig op straat met de volle terrassen en de mensen die aan een ijsje likken van de pop-up ijswinkel. Wij gingen met onze kinderen kamperen in Noord-Frankrijk, waar lekker veel ruimte was en we af en toe met een mondkapje op liepen, zelfs dat went. Kan het zomer zijn, zonder Tour de France en zonder de Parade of andere festivals? Ja het is fijn, maar het is ook anders.

Dan denk ik aan mensen met gezondheidsklachten die nog altijd erg veel thuis zitten. Een meneer die ik opzoek zegt: ‘ik was nooit zo knuffelig, maar al maandenlang niemand aanraken, dat breekt me toch wel op.’ Ook noem ik de mensen die extra getroffen zijn door verlies van werk, of jonge mensen die hun leven nu minder goed kunnen opbouwen.

Is het een fijne zomer? Ik ben er nog niet over uit. En de mensen om me heen laten ook wisselende geluiden horen. Ik vond het fijn op vakantie te genieten en corona even te vergeten, hoewel het was nooit helemaal weg. Bij terugkomst bespringen me de vragen over hoe het verder zal gaan. En dat is vreemd voor mij en u als westerlingen die gewend zijn veel van ons leven onder controle te hebben. In deze crisis merk je, net als je dat ook merkt als je iemand verliest, dat het leven niet maakbaar is. Het is een kunst om het leven dan te nemen zoals het is. In een interview met Mpho Tutu, de dochter van de bekende Zuid Afrikaanse bisschop Tutu las ik: ‘het gaat erom te kijken wat je wel kunt doen. Op welke gebieden heb ik wel invloed? En hoe kun je het voor jezelf en voor anderen op de wereld een klein stukje beter maken?’

Toen mijn vader overleden was, kwam een Somalische vriend van hem elke dag helpen bij het leegruimen van het huis. In het begin vonden we het een beetje vreemd. Waarom is deze man hier? Maar we merkten dat het voor hem vanzelfsprekend was. Hij vond dat als iemand overleden is, je ruimte maakt voor wat er moet gebeuren. Hij vertelde verhalen over de jaren dat hij met mijn vader optrok en maakte grappen. We raakten steeds meer met hem verbonden. Ik herken in hem wat Mpho Tutu in het interview aangeeft. Zij leeft vanuit Ubuntu, het besef dat je als mens verbonden bent met anderen. Je bent als mens geen autonoom individueel wezen, maar je wordt pas mens door andere mensen. Mooi. Met bewondering denk ik terug aan de Somalische man. Misschien kan ik me door hem laten inspireren. Niet alles willen plannen of controleren, maar meebewegen. Tegelijk actief blijven en ook reageren vanuit wat ik belangrijk vind.

Inmiddels hobbel ik hier de zomer door. We zijn nog altijd meer thuis dan ooit tevoren. Er is tijd om rustig klussen aan het huis te doen en in de tuin te werken. Ik leer van mijn kinderen schilderen met waterverf. En ik maak geïnspireerd door een roman die ik las, voor het eerst verse pasta. Kijk zo wordt het wel wat met die zomer.

Ds. Corinne Groenendijk