Verhalen vertellen

Als we als familie bij elkaar waren in het kleine bovenhuis in Rotterdam, vertelde mijn opa altijd verhalen. Mijn oma was de aangeefster, zij begon al te gniffelen zodat je wist dat er een clou aankwam. Wij deden niet anders dan lachen. Ook mijn vader werd een verhalenverteller, waar zijn kleinkinderen vaak van konden genieten. 

Hij vertelde verhalen over de kwajongensstreken die ze in de buurt met elkaar uithaalden, bijvoorbeeld aanbellen en als de deur openzwaaide een steen op de trap naar boven gooien, die met veel herrie naar beneden kwam. Zijn keurige kleinkinderen keken soms bedremmeld: ‘Had opa dat echt gedaan?’ Voor de meesten was het verhaal over een konijntje dat dingen meemaakte die dat kleinkind die dag beleefd had, het lievelingsverhaal. Mijn vader vertelde ook over de oorlog; over het bombardement, over het joodse buurmeisje dat hij had zien wegvoeren en over de radeloosheid vanwege de honger die ze hadden. En hij vertelde hoe hij van boven kracht kreeg om als jonge tiener toch wat eten te fiksen. 

Vorige week overleed hij en mocht ik wat verhalen uit zijn leven vertellen. Hoe hij net als veel andere gereformeerde jongens via avondstudie zijn wereld verbreedde en uiteindelijk accountant werd. Hij ging werken bij de belastingdienst en spande zich in zodat ook multinationals het geld voor de gemeenschap afdroegen. Hij voelde zich geroepen om in en vanuit de kerken op te komen voor zwarten in Zuid-Afrika, iets wat in die tijd moed vergde. Vele Nederlanders voelden zich verwant aan de blanke boeren en hun gereformeerde kerk. Zijn jeugd onder de nazi’s had hem geleerd dat onderscheid in ras niet klopt en dat je niet altijd mee moet gaan met de heersende mening.

Zo kwam het dat in ons gewone rijtjeshuis in een nieuwbouwwijk regelmatig zwarte strijders op bezoek kwamen. Ze vertelden hun verhalen, heftig als het ging om onderdrukking maar ook altijd met humor. Als men vader vroeg of ze de bijbel kenden, zeiden ze soms: ‘Ja die ken ik uit de gevangenis, daar heb ik hem van voor naar achteren kunnen lezen!’ Een hard gelach volgde. Met vele anderen lazen we uit de bijbel en baden we voor de strijd in Zuid-Afrika. Het is ook een wonder dat Zuid-Afrika dankzij Mandela en andere leiders zonder burgeroorlog vrij is geworden. In later jaren steunde mijn vader de strijd van de Palestijnen en ging hij op bezoek bij vluchtelingen in het detentiecentrum in Zestienhoven. 

Nu bij zijn dood vertelden mensen ons verhalen over hem. Hoe hij bij zijn strijdbaarheid altijd vriendelijk bleef en open voor de mensen met wie hij te maken kreeg. Met ons, zijn kinderen en kleinkinderen, praatte hij graag over het leven. En hij deed gezellig spelletjes, net als in zijn jeugd. 

Het is vreemd om te merken dat als het boek van een leven is dichtgeslagen je pas echt goed ziet wie iemand was en hoeveel hij of zij betekende. Van hem leerde ik dat elk mens betekenis mag geven aan zijn leven. Verhalen vertellen zoals Adam in de bijbel alle dieren en planten in de wereld om hem hun namen gaf. Elk mens heeft recht op een betekenisvol leven. En hij leerde me dat liefde het belangrijkste is van alles. 

Ds. Corinne Groenendijk, crgroenendijk@hetnet.nl, Tel 0346- 785842