“Ik wil lid zijn van een gemeenschap die openstaat, maar ook kritisch is”

Misschien overweeg je om de taak van ouderling op je te nemen, maar wil je eerst wat meer achtergrond en inzicht. Wat maakt een ouderling mee, wat is zijn of haar taak, wat zijn leuke en minder leuke ervaringen, hoe is de sectie eigenlijk georganiseerd? Als derde in deze serie een interview met Pieter Quakkelaar. Hij is ouderling van sectie 2, het gebied tussen de Driehoekslaan, Dr. Plesmanlaan, Park Vechtenstein en de Vecht. In cijfers zijn dat 176 pastorale eenheden met 267 leden. Met de 5 sectiemedewerkers praat hij in ieder geval twee keer per jaar bij, maar het liefste zou hij dat vier keer per jaar doen als de agenda’s dat toelaten. Bijzonderheden en mutaties ontvangt hij via het team, de ledenadministratie en de predikanten. Ook de nieuwsbrief bevat regelmatig info over gemeenteleden die voor hem belangrijk zijn.

Ouderling is een beladen woord, vindt Pieter. “In de bijbel wordt gesproken van ‘oudsten’ als opzieners over de gemeente, maar nu vertegenwoordigt het vaak een begrip van (vooral oudere) mensen die iets met een kerk te maken hebben en een bepaalde controlerende en/of corrigerende functie hebben. Althans, dat is het beeld dat mensen hebben. Je vertegenwoordigt een gevestigd instituut met weinig uitstraling in de samenleving”. Een ander fenomeen vindt hij kleven aan het woord ‘ouderling’, is dat veel mensen hiertegen kunnen klagen. “Men denkt anders over de gemeente, de kerk, de zondagse dienst en ziet daarin weinig terug wat hij of zij daarin wil beleven. Dat hoor ik regelmatig. Aan de andere kant denk ik ook: weten we eigenlijk wel de werkelijke vraag uit de gemeente? Wie zit er nog te wachten op bezoek van een ouderling of predikant? Senioren van nu zijn veel mondiger dan de vorige generaties. Ik denk dat we daar zicht op moeten krijgen en daarop de organisatie van de kerk aanpassen. Mogelijk wordt het ambt van ouderling dan acceptabeler voor gemeenteleden. En ja, dan hoop ik ook dat ik een nieuwe functienaam krijg!”